Lebbis en Smit verbeteren de wereld: supermarkten kloppen geld uit je zak

De ‘radicaal-linkse’ cabaretier Lebbis en onderzoeksjournalist Jeroen Smit vonden elkaar in hun verlangen om de wereld te verbeteren. Ze gaan theatercolleges geven. „Geld is cocaïne.”

Door: Daan van Lent en Ron Rijghard
Bron: NRC

Nederland is het op zes na gelukkigste land ter wereld, maar dat kan beter, denken cabaretier Lebbis en journalist Jeroen Smit. Met hun theatercollege Bruto Nationaal Geluk gaan ze het land in om het publiek ervan te overtuigen geen slaaf meer te zijn van de koopjes in de supermarkt, maar zich te richten op wat werkelijk van belang is in een mensenleven. Het economisch denken regeert de mens, maar de economie moet weer dienend worden, is de onderliggende gedachte.

De tijd is rijp voor een omslag in het denken, vertellen de mannen op de royaal bemeten woonboot van Lebbis in Amsterdam. Milieudefensie wint een rechtszaak tegen de staat om schonere lucht, suikerhoudende frisdranken worden op scholen geweerd en China gaat op termijn de verbrandingsmotor verbieden. Elke dag is er nieuws te vinden dat meer zorg om mens, dier en milieu belooft.

Lebbis: „De meeste mensen weten wel wat er mis is, maar laten dat niet goed tot zich doordringen. Het is makkelijk om het te verdringen, maar als je alles op een rijtje zet, en dat deed ik een tijdje geleden, dan moet je toch vaststellen: wat zijn we stom bezig.”

Lebbis (ex-CapGemini en zelfbenoemd minister van Geluk) praat over zijn idealen met hetzelfde vuur en met dezelfde tomeloze vaart als tijdens zijn cabaretvoorstellingen. Smit (bekend van het boek De prooi over ABN Amro) is de kalme factor van het duo – „meer de dominee”, zegt hij zelf – met als terugkerende frase „uit onderzoek blijkt”. Hij vertelt dat we sinds de jaren vijftig niet gelukkiger zijn geworden, ondanks de toegenomen welvaart. „Het gaat dus niet beter met ons als de economie groeit. Waarom werken we dan zo hard?”

Waarom zetten we geen foto van de kip op de kipfilet?

Smit onderscheidt drie stemmen in ons hoofd: die van de consument, de investeerder en de bezorgde burger. De eerste wil kipfilet van 3 euro, want biologische kip kost 7 euro en met die 4 euro wil hij iets anders kopen. De andere rekent uit wat de winst in 25 jaar is van altijd goedkope kipfilet kopen. Alleen de derde stem denkt aan dierenleed en milieuschade. Smit: „De laatste dertig jaar is de kracht van die derde stem afgenomen. Wij willen helpen om de consument en investeerder in jezelf te temmen en weer te gaan doen wat je echt gelukkig maakt.”

Lebbis heeft er wel een idee bij: „Waarom zetten we geen foto van een kip, of een geslachte kip op de verpakking? Dan maak je weer contact met het dier dat je eet.”

Ludieke oplossingen

Hun theatercollege wordt een serieus verhaal, maar Lebbis zoekt graag naar ludieke oplossingen, benadrukt hij. Hij wilde even af van de ‘grapdwang’, maar als hij gaat ratelen komt de humor vanzelf. Bij hun lichtvoetige aanpak hoort ook een ‘buzzmaster’: een systeem waarbij publiek via de mobiel kan laten weten hoe het ergens over denkt. Nadat de mannen hun verhaal hebben gedaan, gaan ze na of mensen van mening zijn veranderd.

Wat ze onder meer willen vertellen, is hoe geld je gedrag beïnvloedt. Smit: „Uit onderzoek blijkt dat je een kennis wel wilt helpen verhuizen als hij dat vraagt, maar dat het je niet je vrije zaterdag waard is als hij er geld voor biedt. Dan ga je rekenen, en geld afzetten tegen vrije tijd.”

Lebbis: „Als je beseft hoe geld je manipuleert, dan zie je ook dat die supermarkten met hun aanbiedingen en bonuskaarten geen aardige gasten zijn die je proberen te matsen. Het zijn teringlijers die je geld uit je zak kloppen met kloteproducten. Denk niet dat ze met je gezondheid bezig zijn. Ze knijpen iedereen af. Dat systeem moeten we killen. Geld is cocaïne.”

Je mag doen wat je gelukkig maakt. Dus waarom maak je je druk over anderen?

De mannen twijfelden of ze het ‘basisinkomen’ als onderwerp zouden nemen. Lebbis: „Nederland is nou net een land waar inkomensscheefheid geen enorm urgent probleem is. Maar het is wel een goed voorbeeld van hoe je de maatschappij anders kan inrichten. Het is zo’n idee dat ruimte geeft in je hoofd, omdat het zo radicaal anders is dan je gewend bent.” Smit: „Uit onderzoek blijkt dat mensen gelukkiger zijn als inkomens gelijker verdeeld zijn.” Hij vertelt hoe hij een bankier sprak die ontroostbaar was, omdat hij een bonus had gekregen van een miljoen euro, terwijl zijn twee naaste collega’s, die volgens hem minder hadden gepresteerd, anderhalf hadden gekregen. Smit: „Het bedrag is obsceen. Maar de neiging te vergelijken zit in ons allemaal.”

Een basisinkomen, waarbij iedere burger bijvoorbeeld 800 euro ‘als basis’ krijgt, geeft rust, zeggen ze. Maar wat te doen met de 10 procent van de burgers die vervolgens besluit te gaan niksen? Lebbis: „Mijn antwoord op die klacht is: wat zeur je nou? Jij mag ook niks doen. Maar je wil liever werken, omdat werken leuker is. Je mag doen wat je gelukkig maakt. Dus waarom maak je je druk over anderen?”

Maar het geld voor de financiering van het basisinkomen moet toch worden verdiend? Kom bij Lebbis niet aan met de suggestie dat het basisinkomen een systeem is met haken en ogen. Dan wordt hij fel. „Dus jij gaat mensen de kans ontzeggen om meer vrijheid te hebben, omdat een paar mensen misschien iets doen wat jij niet wil? Lekker sympathieke, sociale man ben jij, Ron. Schrijf dat maar op in de krant.” Hij lacht er hard bij. „Er zijn altijd freeriders en dieven. Daar moeten we de wereld niet door laten verpesten. De mentaliteit om aan pessimisme en negativiteit toe te geven is precies de houding waar ik zo op tegen ben.”

Ons uitkeringsstelsel, dat fungeert als vangnet, is onvergelijkbaar met het basisinkomen, zeggen de mannen. Lebbis: „De psychologie is anders. Een basisinkomen biedt een gelijkwaardig recht en is veel liefdevoller, zonder controles, zonder sollicitatieplicht.”

Mannen met een rok

Hun oplossingen zoeken de mannen niet alleen in prikkelende ideeën, maar ook in regelgeving. Smit is bijvoorbeeld wel voor een vrouwenquotum – al blijkt uiteindelijk dat hij alleen pleit voor 40 procent vrouwen in raden van commissarissen. Smit: „Ik schrijf al twintig jaar over meer gelijkheid voor vrouwen op de arbeidsmarkt en ik ben ervan overtuigd geraakt dat maatregelen onvermijdelijk zijn om dat te bereiken. Het lukt mannen niet om vrouwen toe te laten. Dat is kapitaalvernietiging. De liberaal in mij steigert, maar er moet iets gebeuren.”

En ook hier blijkt uit onderzoek: „Bij het testen van 16 goede eigenschappen voor leiders scoren vrouwen op 15 eigenschappen beter dan mannen. Mijn diepe overtuiging is ook dat we vrouwen nodig hebben om veranderingen in ons gedrag tot stand te brengen en om minder als rekenmachine door het leven te gaan. En dan wel echte vrouwen. Niet de vrouwen die nu door de selectie komen. Dat zijn mannen in een rok.”

Lebbis: We gaan niet blamen en shamen. Het moet leuk worden om het goede te doen.

Gedragsverandering is complex. Hoe overtuigend denken ze dat hun college is? Lebbis: „Het verbod op gratis plastic tasjes in winkels werkt goed. De verplichte veiligheidsriem in de auto vond iedereen verschrikkelijk, nu wil je niet zonder.” Smit: „Na Harvey en Irma zien mensen een verband tussen natuurgeweld en klimaatopwarming. Ze beginnen te begrijpen dat we de wereld niet oneindig kunnen opstoken. Ingenieurs zeiden het vroeger al: geef ons ons dagelijks brood en af en toe een watersnood. Want dan kan je Deltawerken gaan bouwen. Het omslagpunt in het denken komt eraan. We zijn er misschien maar één kipschandaal van verwijderd. Wij zijn optimistisch.”

Lebbis: „Ook VVD’ers die ik ken, zijn ermee bezig. Bij hen voert de consument misschien nog de boventoon, maar ze denken er wel over na. Alleen de verleiding in winkels is te groot. Maar zelfs dat wordt langzaam minder. De plofkip is al verboden.” Hun bekeringsdrang moet er niet toe leiden dat ze publiek bestraffend toespreken. Bezoekers moeten niet, zoals bij de vergelijkbare activistische voorstellingen van De Verleiders, de zaal als slachtoffer van bankiers of zakenlieden verlaten. Daar waken ze voor. Lebbis: „We gaan niet blamen en shamen. Het moet leuk worden om het goede te doen.”

Nog geen reacties.

Reageer