Ook grote, beursgenoteerde bedrijven kloppen aan voor staatssteun. Die steun mag niet onvoorwaardelijk zijn. Wie het algemeen belang schaadt, zoals Booking.com, moet worden verplicht tot terugbetaling. Want dit is het moment om de economie duurzaam en sociaal te maken.

door: Jeroen Smit, Ewald Engelen en Marcia Luyten e.a. 25 april 2020, 5:00
bron: Volkskrant

Nu de motor van de wereldeconomie is uitgevallen, hebben we de unieke mogelijkheid om belangrijke veranderingen door te voeren in de structuur van onze economie. Dat is nodig omdat deze crisis het product is van een mondiaal economisch systeem dat weliswaar decennialang voor veel welvaart heeft gezorgd maar nu duidelijk niet meer toekomstbestendig is. Het klimaatprobleem wordt snel groter, de biodiversiteit neemt af en de kloof tussen arm en rijk wordt veel te diep. Een weerbare economie is duurzaam en sociaal. Om dat te bewerkstelligen, roepen wij de overheid op dit keer scherpe keuzes maken.

Anders dan in 2008 moet de overheid duidelijk maken wie onder welke voorwaarden aanspraak kan maken op belastinggeld. Aangezien het gaat om schaars gemeenschapsgeld dat – zo leerden we van de financiële crisis – vooral door de middenklasse en toekomstige generaties moet worden opgebracht, zou hulpgeld moeten gaan naar bedrijven die primair het gemeenschappelijk belang dienen. Niet uitsluitend de belangen van de aandeelhouder. Bedrijven die alleen op de wereld zijn om geld te verdienen, hebben geen bestaansrecht.

Het is begrijpelijk en te prijzen dat minister Koolmees van Sociale Zaken zo snel mogelijk een regeling trof om bedrijven te helpen. Daarover zei hij in Het Financieele Dagblad van 18 april: ‘Het moest snel, en daarom is de regeling heel erg simpel en stupid. Hij geldt voor alle bedrijven.’ Ook voor een Booking.com?, vroeg de krant. Koolmees: ‘Ik begrijp de vraag maatschappelijk gezien heel goed. Maar vanwege de omvang van deze crisis en de acute vraaguitval kan ik onmogelijk kijken wat je als bedrijf de afgelopen jaren aan winst hebt behaald, of je netjes bent voor je werknemers en of je netjes belasting hebt betaald. Je kunt niet allerlei criteria gaan bedenken als er binnen een week geld op de rekening moet staan. Liever dat dan de constatering dat alle 5.000 mensen die daar werken ontslagen zijn…’

Daar schetst minister Koolmees een oneigenlijke tegenstelling: die tussen vereiste snelheid en publiek geld verbonden aan voorwaarden. De Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) kan heel goed snel worden verstrekt én aan criteria zijn gebonden. Dat kan als de hulp in eerste instantie wordt verschaft in de vorm van een lening. De eerste krapte aan liquiditeit wordt zo opgelost. Er hoeven geen onnodige ontslagen te vallen. Tegelijkertijd kan de overheid prudent en sociaal rechtvaardig de schaarse publieke middelen verdelen door voorwaarden en criteria te stellen. Ondernemingen die het algemeen belang schaden door bijvoorbeeld belasting te ontwijken, moeten de gekregen steun terugbetalen. Van bedrijven die aan een aantal voorwaarden voldoen, kan later worden bepaald dat de lening (deels) wordt kwijtgescholden.

Voor die voorwaarden stellen wij drie richtlijnen voor.

  1. Bedrijven moeten de afgelopen tien jaar (sinds de vorige crisis) in binnen- en buitenland hun aandeel hebben bijgedragen als het gaat om het betalen van belastingen.
  2. Bedrijven geven blijk van sociale rechtvaardigheid, richten zich op langetermijnduurzame economische groei en begrijpen dat ze daarvoor de belangen van alle stakeholders moeten dienen.
  3. De producten en diensten van het bedrijf dragen in toenemende mate bij aan een veilige en duurzame toekomst.

De basisgedachte van deze richtlijnen is dat bedrijven die zich rekenschap geven van alle belanghebbenden, mogen rekenen op de steun en solidariteit van de Nederlandse belastingbetaler.

Overwegingen

Dat brengt ons tot een aantal overwegingen. De kinderlijk eenvoudige eerste richtlijn kan leiden tot een simpel criterium: grootschalige belastingontwijking is een automatische slagboom. Voorwaarde daarbij is natuurlijk dat de overheid ophoudt met het faciliteren van belastingontwijking. De noodzaak van sociale rechtvaardigheid als richtlijn komt mede voort uit wat misging na de financiële crisis. Achteraf laten de reddingsoperaties na 2008 zien welk pervers principe courant is geworden in het op kortetermijnwinst gerichte kapitalisme van de 21ste eeuw: winst wordt geprivatiseerd en verlies publiek verhaald. Dat verlies is via belastingen en bezuinigingen opgebracht door de lagere- en middeninkomens. Grote bedrijven en vermogenden sluizen hun kapitaal naar vastgoed of belastinghavens.

Deze perverse praktijk dreigt zich te herhalen. De casus waar afgelopen twee weken veel over te doen was, die van Booking.com, laat duidelijk zien hoe. Het beursgenoteerde Booking vraagt de Nederlandse overheid om steun, nu door de coronamaatregelen 85 procent van zijn inkomsten zijn weggevallen. Het reisbedrijf, onderdeel van een Amerikaanse holding (Booking.com is in 2005 verkocht), zegt zo ontslagen onder zijn 5.500 Nederlandse werknemers te willen voorkomen. Op een omzet van 15 miljard dollar, maakte Booking Holdings vorig jaar zo’n 5 miljard dollar winst. Toch heeft het bedrijf geen reserves om zijn personeel een paar maanden door te betalen. Booking Holdings gaat zelfs gebukt onder zware schulden. Winst en leningen zijn sinds 2018 gebruikt om voor 14 miljard eigen aandelen op te kopen en zo de beurskoers zo snel mogelijk omhoog te duwen. Natuurlijk leveren ceo Glenn Fogel en zijn topmanagement nu salaris in, maar dat offer valt in het niet bij wat de Nederlandse samenleving dreigt kwijt te raken. Als dit vier maanden duurt en een Booking-werknemer verdient gemiddeld 5.000 euro per maand, zou de Nederlandse belastingbetaler al snel tientallen miljoenen euro’s aan die loonkosten bijdragen. Daar komt bij dat Nederland tussen 2010 en 2018 Booking al een belastingvoordeel van bijna 1,8 miljard euro uit de zogenaamde Innovatiebox gaf.

Had het bedrijf uit zijn megawinsten een reserve aangelegd, had Booking niet zijn hand hoeven ophouden bij de Nederlandse belastingbetaler. Deze praktijk van winst wegsluizen, belastingen drukken en eigen aandelen opkopen is helaas schering en inslag in het financiële aandeelhouderskapitalisme. De kapitaalverstrekker opteert voor de lusten en wentelt de lasten af op de samenleving. Volgens de 92-jarige, vermaarde Hongaarse econoom János Kornai zijn faillissementen nou net wat de kapitalistische economie onderscheidt van een socialistische planeconomie. Het is sociaal rechtvaardig om de steun die een bedrijf als Booking nu ontvangt, te verstrekken in de vorm van een lening die wordt terugbetaald.

De richtlijn van sociale rechtvaardigheid is essentieel voor de legitimiteit van overheidssteun. De afhandeling van de financiële crisis heeft geleid tot woede onder de meerderheid die de bail-out van een hyperrijke minderheid heeft betaald. Dat legde een rijke humuslaag aan ressentiment waar in heel Europa populistische politici gebruik van maken. Voor dit soort ondernemingen is bail-in de juiste weg: aandeelhouders draaien zelf op voor de genomen risico’s. Dat ook grote bedrijven failliet kunnen gaan, is wezenlijk aan dit vrijemarktkapitalisme.

De ondernemingen die wél onze steun verdienen zijn sociaal rechtvaardig. Ze zien in moeilijke tijden af van winstuitkering aan aandeelhouders (dividend), zijn bereid in Nederland vennootschapsbelasting te betalen en zetten zich in om in andere landen hun aandeel bij te dragen. Ze begrijpen tot in hun vezels dat het betalen van belasting via onderwijs, infrastructuur, zorg bijdraagt aan een goed ondernemingsklimaat en handelen daarnaar.

De derde richtlijn dan: duurzaamheid. Het kortetermijnopportunisme van de grote aandelenbeurzen is desastreus voor de op lange termijn gerichte, duurzame economie. Onder de coronacrisis gaat namelijk een veel grotere crisis schuil: die van klimaat en biodiversiteit. Het is duidelijk dat ons productie- en consumptiesysteem onze leefomgeving ernstig heeft beschadigd en ons blootstelt aan risico’s die we nauwelijks nog kunnen beheersen. En dan is Nederland ook nog Europees hekkensluiter in het halen van de klimaatdoelen die in 2015 in Parijs zijn afgesproken.

In deze crisis staat het kabinet op het punt tientallen miljarden euro’s van toekomstige generaties te lenen om niet-duurzame bedrijven te beschermen tegen faillissement. Het is een uitzonderlijke kans om onze economie te verduurzamen en de kans op veiligheid en welvaart van onze kinderen te verbeteren. Om die reden zouden giften van de overheid moeten zijn voorbehouden aan ondernemingen die jaarlijks verantwoording afleggen over hun bijdrage aan het verduurzamen van hun primaire productieproces.

Natuurlijk moest het benodigde geld snel worden aangewend. Alle lof aan het kabinet dat niet talmde om grote en kleine ondernemers bij te staan. Tegelijkertijd vraagt leiderschap ook de moed om onderscheid te maken. De regering van Denemarken was de eerste die een week geleden aankondigde zo’n selectie toe te passen. Bedrijven die dividend uitbetalen, eigen aandelen terugkopen of geregistreerd staan in een belastingvluchthaven, kunnen geen aanspraak maken op de hulpprogramma’s. Zelfs de Amerikaanse regering verbiedt ontvangers van noodleningen om tot een jaar nadat de lening is terugbetaald eigen aandelen op te kopen. In navolging daarvan kondigde ook de Nederlandse regering deze week aan dat bedrijven die in de tweede ronde steun krijgen, geen bonussen en dividend kunnen uitkeren zolang ze die overheidssteun genieten.

Nieuwe inzichten

Het is niet ongebruikelijk om in tijden van turbulentie, haast en innovatieve producten het ontwerp voortdurend bij te stellen aan nieuwe inzichten en ervaringen: Building the plane as we fly it. Een snelle scan, of zelfs non-discriminatoire toewijzing van middelen, zou gepaard moeten gaan met voorwaarden en criteria die in tweede fase worden vastgesteld. Het voornemen van het kabinet om in de periode van steun winstuitkeringen te verbieden, is een eerste, maar vooralsnog kleine stap in de richting van een duurzame en sociaal rechtvaardige economie.

De grote vraag is natuurlijk hoe kan worden vastgesteld welke bedrijven aan de voorwaarden voldoen, wat de ‘goede’ bedrijven zijn en wat de ‘slechte’, welke bedrijven bijdragen aan het verduurzamen van onze economie en welke maar als een emmer achter de roeiboot blijven hangen. Het is belangrijk dat hier een beoordelingsmechanisme wordt opgetuigd dat breed gedragen wordt.

Hier ligt volgens ons een taak voor de pensioenfondsen. Ook van hen vragen we nu moedig te zijn. ABP, PFZW en vele anderen zijn al een paar jaar, met vallen en opstaan bezig om tot een classificatie van duurzame versus niet duurzame bedrijven te komen. Ze moeten wel. Pensioenfondsen (met in hun besturen de sociale partners) hebben een langetermijnverplichting, ze moeten voorbij 2030 kijken en verder dan alleen een financieel rendement. Want wie heeft wat aan meer geld als het klimaatprobleem uit de hand loopt – de gevolgen daarvan zijn uiteindelijk desastreus. Ze beschikken bovendien over zo’n 1.500 miljard euro, kunnen met die berg geld echt een verschil maken, niet alleen in Nederland.

Als grote institutionele beleggers jaarlijks, gezamenlijk, vaststellen hoe bedrijven scoren, wie wel en wie niet de nu gekregen steun moet terugbetalen, creëren ze ook een prikkel om die bedrijven aan het werk te zetten. Wie een jaar later een betere beoordeling krijgt, hoeft minder terug te betalen. Zo ontstaat een vliegwiel, waarin alle stakeholders worden gestimuleerd om onze economie de komende decennia jaar circulair, inclusief en duurzaam te maken.

De tijd van bail-out van niet-duurzame en niet-sociaal rechtvaardige bedrijven is voorbij. De belastingbetalende burger die heeft geleden onder de gevolgen van de financiële crisis zal dit niet accepteren. De toekomstige generatie mag niet worden opgezadeld met een duizelingwekkende rekening voor bedrijven die afbreuk doen aan hun veiligheid en welvaart. Dit moment is in de geschiedenis om meerdere redenen uniek. Nu kan wat doorgaans onmogelijk is: aan de grootste knoppen draaien. Dit is het moment om fundamentele aanpassingen te doen, waardoor we sterker uit de crisis komen.

Laten we ervoor zorgen dat onze kinderen en kleinkinderen niet alleen de schulden erven van deze coronacrisis, maar ook een duurzame, weerbare en een sociaal rechtvaardige wereld.

Lijst van ondertekenaars

  • Karen Maas, hoogleraar accountancy, Erasmus Universiteit Rotterdam
  • Jurjen van den Bergh, directeur De Goede Zaak
  • Frans Bieckman, coördinator Fearless City, Amsterdam
  • Marianne Thieme, publicist, spreker, documentairemaker, activist
  • Friedemann Polzin, econoom, Universiteit Utrecht
  • Mark Sanders, econoom, Universiteit Utrecht
  • Dirk Bezemer, econoom, Rijksuniversiteit Groningen
  • Rutger Bregman, publicist en journalist, De Correspondent
  • Jan Terlouw, publicist en spreker
  • Paul Polman, voorzitter International Chamber of Commerce, oud-CEO Unilever
  • Jan Rot, zanger
  • Jan Rotmans, hoogleraar transitie & duurzaamheid, Erasmus Universiteit
  • Marleen Janssen Groesbeek, lector sustainable finance & accounting, Avans Hogeschool
  • Marleen Stikker, directeur De Waag
  • Mensje van Keulen, schrijver
  • Marjan Minnesma, directeur Urgenda
  • Maurits Groen, directeur MGMC.NL
  • Volkert Engelsman, oprichter en directeur EOSTA
  • Maria van der Heijden, directeur-bestuurder MVO Nederland
  • Hans Schenk, hoogleraar economie, Universiteit Utrecht
  • Arnold Merkies, directeur Tax Justice Nederland
  • Danielle Hirsch, directeur Both Ends
  • Jeske Jongerius, redacteur en coördinator Laat Bloeien
  • Martin Schuurman, MKB Brandstof
  • Freek Bersch, campagneleider Milieudefensie
  • Donald Pols, directeur Milieudefensie
  • Eva Meijer, schrijver, filosoof en kunstenaar
  • Vatan Hüzeir, directeur Changerism
  • Jim Richard Surie, projectmanager Sustainable Finance Lab
  • Jan Siebelink, schrijver
  • Helen Toxopeus, post-doctoral researcher NATURVATION & Sustainable Finance Lab, Universiteit Utrecht
  • Bert de Vries, hoogleraar, Copernicus Institute Sustainable Development, Universiteit Utrecht
  • Gijs Scholten van Aschat, acteur
  • Dolf Jansen, cabaretier
  • Guido Weijers, cabaretier
  • Liesbeth Bik, vice-Voorzitter Akademie voor de Kunsten
  • Peter Blom, Triodos Bank
  • Anne Vegter, voorzitter Akademie voor de Kunsten, Dichter
  • Werner Schouten, voorzitter De Jonge Klimaatbeweging
  • Bas Heijne, schrijver, publicist
  • Irma Boom, bestuurslid Akademie voor de Kunsten
  • Maarten Doorman, schrijver, dichter, filosoof
  • Xandra Schutte, hoofdredacteur Groene Amsterdammer
  • Gijs Bakker, ontwerper
  • Niels van der Stappen, oud-voorzitter CDA-duurzaamheidsberaad
  • Kees Vendrik, hoofdeconoom Triodos
  • Geertjan de Vugt, coördinerend Beleidsadviseur Forum KNAW
  • Louise Vet, hoogleraar evolutionaire ecologie, WUR
  • Wiert Wiertsema, senior Policy Advisor Both ENDS
  • Charl Landvreugd, bestuurslid Akademie van Kunsten.
  • Agaath Arends, milieubioloog en publicist
  • Sietske Smulders Dane, transitie architect
  • Robert Kloosterman, hoogleraar Economische Geografie, Universiteit van Amsterdam
  • Arjo Klamer, hoogleraar economie, Erasmus Universiteit
  • Nina Pierson, oprichter en directeur Sla
  • John Huige, politiek econoom, lid Platform Duurzame & Solidaire Economie.
  • Carla Renders, TransitionTown Boxtel
  • Ellen Burger, opleidingsmanager master Circulaire Economie, HAN-University of Applied Sciences
  • Gine Zwart, programmamedewerker Mensenrechten en Bedrijven, Arisa
  • Ronald Gijsbertsen, managing director SOMO
  • Rob Westerdijk, hoofddocent aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen
  • Frans Doorman, Ons Geld
  • Eva Rovers, kunsthistoricus en schrijver
  • Paul van der Lecq, docent Filosofie van de Economie, Ethiek en Morele Economie, HAN-Hogeschool
  • David Andreae, Transitie Boxtel
  • Willemijn Verloop, Directeur Social Enterprise
  • Willem Hoogendijk, Stichting Strohalm
  • Koos Wagensveld, lector Financial Control, Hogeschool van Arnhem & Nijmegen
  • Femke Sleegers, Reclame Fossielvrij
  • Ad Verbrugge, hoogleraar Wijsbegeerte, VU Amsterdam
  • Gerrit Stegehuis, Platform Duurzame en Solidaire Economie
  • Myriam Vandestichele, Senior onderzoeker SOMO
  • Babette van Veen, cabaretier
  • Dries van Agt, oud-politicus
  • Thomas Steiner, FluxusTime
  • Marieke van den Brink, hoogleraar Gender & Diversity, Radboud Universiteit Nijmegen
  • Rico Disco, Jongeren Milieu Actief
  • Sara Polak, UD Universiteit Leiden
  • Larissa Schulte Nordholt, promovendus Universiteit Leiden
  • Suze Zijlstra, UD Universiteit Leiden
  • Jan Overwijk, promovendus Universiteit van Amsterdam
  • Jon Verriet, promovendus Radboud Universiteit
  • Nadia Bouras,UD Universiteit Leiden
  • Katy Olivia van Tergouw, Stop Ecocide Foundation
  • Claudia de Breij, cabaretier en columnist
  • Idgar van Kippersluis, investeerder en oprichter Fairness Factory
  • Ruben van Zwieten, dominee
  • Yoeri Albrecht, directeur De Balie
  • Adriaan van Dis, schrijver
  • Geert Mak, schrijver en publicist
  • Tommy Wieringa, schrijver en NRC-columnist
  • Paul Scheffer, hoogleraar en publicist
  • Peter van Lieshout, hoogleraar Social Sciences, Universiteit Utrecht
  • Frank Westerman, schrijver
  • Frits Philips, partner School of Life
  • Menno Hurenkamp, politicoloog UVA en publicist
  • Jeroen de Lange, oprichter 100WEEKS
  • Alex Klusman, directeur BKB
  • Herman Wijffels, Oprichter The Sustainable Finance Lab, oud voorzitter SER
  • Ramsey Nasr, dichter, acteur, publicist
  • Duncan Stutterheim, ondernemer
  • David van Reybrouck, schrijver en publicist
  • Ruben van Zwieten, dominee
  • Fred Matser, Fred Foundation, oud-ondernemer
  • Taco Wiersma, advocaat
  • Egbert van Acht, bedrijfsadviseur
  • Mikkel Hofstee, directeur Lifeguard
  • Jasper van der Pas, directeur Innopress
  • Wieger Wielinga, ondernemer
  • Joke Hermsen, filosoof en publicist
  • Freek de Jonge, cabaretier
  • Hella de Jonge, kunstenaar
  • Joris Thissen, directeur Greenpeace Nederland

 

bron: Volkskrant
foto: Erwyn van der Meer